
Sint Bernard
Pinschers, Schnauzers, Molossers en Sennenhonden
- FormaatZeer groot(5 van 5), bekijk alle rassen met dit kenmerk
- OnderhoudGemiddeld(3 van 5), bekijk alle rassen met dit kenmerk
- BewegingGemiddeld(3 van 5), bekijk alle rassen met dit kenmerk
- OmgangZeer sociaal(5 van 5), bekijk alle rassen met dit kenmerk
- WaaksheidErg waaks(4 van 5), bekijk alle rassen met dit kenmerk
Puppyprijs: €1000 – €2000
De Sint Bernard: het ras die dreigend gevaar aanvoelt
De Sint Bernard is een zeer oud ras en deze grote vriendelijke reus wordt het meeste gebruikt op het gebied van zoek-en reddingsacties. De Sint Bernard heeft een griezelig vermogen om dreigend gevaar aan te voelen. Dit samen met hun capaciteiten van reuk en richting, maakt dit ras een bruikbare en betrouwbare werkhond, maar als huisdier misstaat hij ook zeker niet!
Op de St. Bernard-pas, gelegen op 2469 meter boven de zeespiegel, stichtten monniken in de 11e eeuw een kloosterherberg genaamd het Hospiz voor doorgaande reizigers en pelgrims. Vanaf het midden van de 17e eeuw hielden ze grote berghonden voor de bewaking en bescherming. De aanwezigheid van deze honden werd vastgelegd in afbeeldingen en in aantekeningen in een document van het hospiz, dat dateert uit 1707. De honden werden al snel ingezet als begeleiders en vooral als reddingshonden voor in de sneeuw en nevel verdwaalde reizigers. De kronieken die in veel talen werden gepubliceerd, maken melding van talrijke mensenlevens die werden gered door deze honden, en de mondelinge verslagen van soldaten die in 1800 met Napoleon Bonaparte de pas overstaken, hebben in de 19e eeuw de faam van de Sint Bernard, toentertijd Barry-Hund genoemd, over heel Europa verspreid en de legendarische Barry werd tot het prototype van de reddingshond verheven.
De directe voorouders van de Sint Bernard stamden af van de in de omgeving veel voorkomende grote boerenhonden, waaruit vervolgens na een aantal generaties, gefokt naar een vastgesteld ideaal type, het huidige ras is ontstaan. Heinrich Schumacher uit Hollingen bij Bern was de eerste die afstammingsbewijzen afgaf voor zijn honden. In februari 1884 werd het Zwitserse Hondenstamboek (S.H.S.B.) geopend en de eerste inschrijvingen betroffen de St. Bernard Léon en de volgende 28 inschrijvingen waren ook St. Bernards. Op 15 maart 1884 werd de Zwitserse St. Bernardsclub in Basel opgericht. Naar aanleiding van een internationaal kynologisch congres op 2 juni 1887 werd de Sint Bernard officieel als Zwitsers ras erkend en de rasstandaard werd verbindend verklaard. De Sint Bernard geldt sindsdien als Zwitserse nationale hond.
Karakter van de Sint Bernard
De Sint Bernard staat bekend om zijn vriendelijke en zelfverzekerde karakter. Hij heeft een rustig tot levendig en speels temperament en is daarnaast ook een goede waakhond. Met zijn grote gestalte kan hij indrukwekkend overkomen, maar in feite is hij een echte knuffelbeer. Dit ras staat er ook om bekend een grote kindervriend te zijn en zal altijd zijn eigen kinderen bewaken en beschermen. Sterker nog, de Sint Bernard voelt de stemmingen van alle gezinsleden goed aan en herkent het als iemand in het gezin het moeilijk heeft. Het is wel belangrijk om de Sint Bernard consequent op te voeden, anders zal hij binnen het gezin zijn eigen regels gaan bepalen. Houd er rekening mee dat dit ras wat geduld vereist tijdens de opvoeding.
Temperament van de Sint Bernard
De Sint Bernard is van nature een zachtaardige reus met een vriendelijk en zelfverzekerd karakter. Ondanks zijn imposante verschijning is hij een liefdevolle hond die graag bij zijn gezin is. Door zijn kalme aard kan hij goed overweg met kinderen en is hij een ideale familiehond. De Sint Bernard kan zich ook goed aanpassen aan verschillende omstandigheden en is daarom geschikt voor zowel het leven op het platteland als in de stad.
Deze hond heeft een groot hart en toont graag affectie en genegenheid naar zijn eigenaren. Hij is dan ook een uitstekend huisdier en staat bekend om zijn trouw aan zijn baas. Ook kan hij prima samenleven met andere huisdieren en zal hij over het algemeen geen agressie tonen.
Hoewel de Sint Bernard een rustige aard heeft, kan hij wel waaks zijn. Hij zal alert zijn op ongewone geluiden en vreemde mensen in de buurt van zijn huis. Dit maakt hem een betrouwbare waakhond.
Het temperament van de Sint Bernard is over het algemeen erg stabiel. Hij is niet snel bang en zal niet snel agressief zijn, tenzij hij wordt geprovoceerd. Het is echter wel belangrijk om hem vanaf jonge leeftijd goed te socialiseren en trainen, zodat hij goed om kan gaan met verschillende situaties en mensen.
Verzorging van de Sint Bernard
De Sint Bernard is een relatief eenvoudige hond om te verzorgen. Hij heeft regelmatig beweging nodig en kan lange wandelingen goed aan, mits je dit geleidelijk opbouwt. Het is wel aan te raden om dit vooral in de wintermaanden te doen, wanneer de temperatuur niet te hoog is. Ook verhaart de Sint Bernard, zelfs de kortharige variant. Daarom is het belangrijk om hem minstens één keer per week goed te kammen en te borstelen, en speciale aandacht te besteden aan klitten. Deze ontstaan vaak achter de oren, in de zogenaamde broek en in de staart. Verder is het belangrijk om de oren schoon te houden en regelmatig de nagels te knippen. Door de dikke vacht kan de Sint Bernard snel last krijgen van warmte, dus let op dat hij niet te veel in de zon ligt en voldoende water heeft.
Vanwege onder andere zijn zeer grote formaat is de Sint Bernard gevoelig voor gezondheidsproblemen zoals heupdysplasie, elleboogdysplasie en maagkanteling. Ook komen onder andere entropion en ectropion voor.
Het hebben van een grote hond brengt hogere kosten met zich mee dan het hebben van kleinere honden. Het voeren, medicatie, operaties en verzorging van grote honden kost namelijk veel meer geld. Bovendien hebben grote honden vaak een kortere levensverwachting dan kleinere rassen. Volgens een Engels onderzoek besteden eigenaren van Sint Bernards gemiddeld € 590,- per jaar aan dierenartskosten. Het is belangrijk om bij het aanschaffen van een grote hond deze kosten in overweging te nemen en hierop voorbereid te zijn.
Vacht van de Sint Bernard
De Sint Bernard heeft twee verschillende haarvariëteiten:
Variëteiten korthaar (stockhaar): De bovenvacht van de Sint Bernard is dicht, vlak, goed aanliggend en hard. Daarnaast heeft de hond een dichte ondervacht. Op de dijen heeft hij een lichte broekbeharing en zijn staart is ook dicht behaard.
Variëteiten langhaar: De Sint Bernard met lang haar heeft een rechte bovenvacht van middelmatige lengte en dichte ondervacht. Het gezicht en de oren zijn kort behaard, op de heupen en het kruis is het haar meestal iets gegolfd. Verder heeft hij op de voorbenen bevedering en op de dijen een flinke broekbeharing. Ook de staart is bossig.
Kleur: De grondkleur van de Sint Bernard moet wit zijn, met kleine of grote helder rode platen (platenhonden) tot een aaneensluitend helder tot donkerrood dek op de rug en de flanken (mantelhonden). Een gescheurde mantel (met wit onderbroken mantel) van gelijke waarde als een aaneengesloten dek. Roodbruin gestroomd is geoorloofd, terwijl bruingeel getolereerd wordt. Donkere aftekeningen op het hoofd zijn zeer wenselijk en een vleugje zwart op het lichaam wordt getolereerd.
Voorgeschreven witte aftekeningen: De Sint Bernard heeft witte aftekeningen op de borst, voeten, staartpunt, neusband, bles en nekvlek.
Gewenste aftekening: Een witte kraag en een symmetrisch donker masker worden gewenst bij de Sint Bernard.
Training van de Sint Bernard
De Sint Bernard is een van de grootste hondenrassen die er bestaat en het is daarom belangrijk om deze hond op de juiste manier op te voeden en te trainen. Als pups zijn Sint Bernards schattig en knuffelbaar, maar naarmate ze ouder worden, worden ze steeds groter en sterker. Het is daarom belangrijk om vanaf het begin een goede relatie met je Sint Bernard op te bouwen en consequent en geduldig te zijn in de opvoeding.
Een van de belangrijkste aspecten van de opvoeding van de Sint Bernard is socialisatie. Het is belangrijk om de pup zo snel mogelijk kennis te laten maken met verschillende mensen, dieren en situaties om ervoor te zorgen dat hij opgroeit tot een vriendelijke en goed aangepaste hond. Het is ook belangrijk om de hond te leren om alleen te zijn, omdat Sint Bernards gevoelig zijn voor verlatingsangst.
Qua training is de Sint Bernard een slimme hond die snel kan leren, maar hij kan soms koppig zijn. Het is daarom belangrijk om de training leuk en interessant te houden om de aandacht van de hond te behouden. Positieve bekrachtiging is het beste middel om de Sint Bernard te trainen, zoals belonen met een traktatie of een liefdevolle knuffel wanneer hij een opdracht correct uitvoert.
Fysieke kenmerken
Gewicht
- ♂ Reu
- 55-100 kg
- ♀ Teef
- 55-100 kg
Schofthoogte
- ♂ Reu
- 70-90 cm
- ♀ Teef
- 65-80 cm
Levensverwachting
9-11 jaar
Fokkers(2)
Fokkers van de Sint Bernard
Ben jij fokker van de Sint Bernard?
Maak een fokkersprofiel aan en word zichtbaar voor bezoekers die op zoek zijn naar een Sint Bernard.
Kennel aanmeldenRasverenigingen(2)
Nederlandse verenigingen voor de Sint Bernard
Ziektes(11)
Aandoeningen die bij de Sint Bernard voorkomen

Hartinsufficiëntie - DCM
Net als bij de mens kunnen honden ook (chronische) hartinsufficiëntie krijgen. Het probleem is dan dat het hart niet meer voldoende werkt en er slecht of niet meer in slaagt om voldoende bloed door het lichaam te pompen. Als de pompfunctie het laat afweten dan krijgt het lichaam niet genoeg zuurstof en voedingsstoffen. Er zijn twee belangrijke oorzaken van hartinsufficiëntie: dilaterende cardiomyopathie en klepletsels. **De klepletsels** Het hart heeft 4 kleppen: 2 tussen de kamers en boezems, 1 tussen de holle ader en de rechter boezem en 1 tussen de linker kamer en de aorta. De kleppen zorgen ervoor dat het bloed maar in 1 kant op kan stromen. Bij veel honden met hartinsufficiëntie is er een probleem met één of meer kleppen. Hierdoor ontstaat er een lek waardoor het bloed gedeeltelijk tegen de richting in kan stromen. Gevolg is dat er minder bloed de 'goede' kant opgaat. Dit kan beschadiging veroorzaken aan de binnenkant van het hart of aan de bloedvaten. Klepletsels komen meer voor bij de wat oudere kleine [rassen](/rassen). Het kan al enige tijd aanwezig zijn voordat de hond er last van krijgt. **Dilaterende Cardiomyopathie** Hierbij wordt het hart groter en de spierwand dunner. Het samentrekken van het hart is minder en het hart kan minder goed ledigen. De oorzaak hiervan is niet echt bekend. Het komt vaker voor bij grote honden en bij jonge dieren of dieren van middelbare leeftijd. Het is een veel voorkomende ziekte bij de Doberman, maar ook bij Boxers, Duitse doggen en Ierse wolfshonden. Het lijkt een erfelijke ziekte te zijn. Dit omdat de rasgebondenheid en omdat het voorkomt in bepaalde kweeklijnen.

Ectropion
Als de onderste oogleden bij een hond te groot zijn, dan spreken we van ectropion. Door de ectropion worden de bindvliezen of conjunctiva van het oog zichtbaar. Van de oogleden is de binnenkant zichtbaar. Ectropion is dus het tegenover gestelde van [entropion](/gezondheid/ziektes/entropion). Het is vaak een aangeboren probleem en vooral [honden](/rassen) met overtollige huidplooien, bijvoorbeeld de Sint-Hubertus hond (in dit ras wordt ectropion zelfs als gewenst beschouwd door sommige fokkers!) en de Sint-Bernard, zijn aangetast. Ook retrievers en spaniëls hebben er meer last van. Bij jonge honden wordt het probleem vaak al vastgesteld.

Entropion
Entropion is een aangeboren aandoening en entropion is een probleem van het ooglid, het ooglid krult namelijk naar binnen. Het kan zowel aan het bovenste ooglid optreden als onderste en zit vaak bij beide ogen. De [rashonden](/rassen) Shapei en de Chow-Chow zijn hier gevoelig voor. Rassen met hangende oogleden (De [Newfoundlander](/rassen/newfoundlander) en de Sint-Bernard) en kortsnuitige rassen, zoals Pekinezen en [Engelse Bulldoggen](/rassen/engelse-bulldog), hebben vaker last van entropion dan andere. Bij de pup wordt het vaak al vastgesteld.

Elleboogdysplasie
Elleboogdysplasie (afgekort ED) staat voor een drietal aandoeningen aan het ellebooggewricht: LPA, OCD, en LPC. Deze aandoeningen zijn veel voorkomende stoornissen in de ontwikkeling van het bot. Het wordt vaak gezien bij bepaalde (grote) [hondenrassen](/rassen) en in families. Het is dus voor een deel genetisch bepaald. **OsteoChondrosis Dissecans of OCD** Dit komt vaak voor bij de grote honden. Vooral bij [Golden retrievers](/rassen/golden-retriever), [labadors](/rassen/labrador-retriever), [Rottweilers](/rassen/rottweiler) en Berner Sennenhonden ziet men het veel. Het kraakbeen van het gewricht van de elleboog is erg kwetsbaar, en hierdoor breken er gemakkelijk stukjes af. **Losse Processus Anconeus** Bij Losse Processus Anconeus of LPA is een stukje bot van het gewricht van de elleboog niet goed vergroeid met het onderliggende bot. Het komt veel voor bij [Duitse herders](/rassen/duitse-herder) en honden met korte pootjes , zoals de [Teckel](/rassen/teckel-langhaar) en de [Basset](/rassen/basset-hound). **Losse Processus Coronoïdeus of LPC** Dit is een soort gelijke aandoening als LPA en komt frequent voor bij [retrievers](/rassen) en [Duitse herders](/rassen/duitse-herder)

Heupdysplasie
Bij heupdysplasie ( afgekort HD) is er een misvorming van 1 of beide gewrichten van de heup. De gevolgen hier van zijn dat de kop van het dijbeen niet meer goed in de bekkenkom past. HD komt vaak voor bij de hond, helemaal bij [rassen](/rassen) zoals de [Duitse Herder](/rassen/duitse-herder), de retrievers, de [Border collies](/rassen/border-collie), de [Rottweilers](/rassen/rottweiler) en de Berner Sennenhond. HD is voor een deel een erfelijke aandoening. Als men een hond wil aanschaffen van een ras die er gevoelig voor is, is het verstandig om naar de hd-staus van de ouders te vragen. Wat ook meespeelt is het voedsel. HD komt vaker voor bij honden die tijdens de groei overvoed worden. Van belang is dus de honden in deze periode niet teveel te eten te geven. Bij rassen die gevoelig zijn voor HD is het zelfs beter de hond eerder ietwat te ondervoeden ter voorkoming van HD. Wat vaak gebeurt en wat niet goed is, vooral bij grote rassen, is het geven van extra calcium aan het dieet. Dit werkt averechts! Studies hebben aangetoond, dat honden die extra calcium krijgen méér Heupdysplasie en overige gewrichtsafwijkingen ontwikkelen dan honden die dit niet krijgen. Ook is het belangrijk dat men de gewrichten van de jonge hond in de groei niet te zwaar belast. Niet te veel spelen (lees springen) of traplopen.

Maag-dilatatie-volvulus (maagtorsie)
Bij een maagdraaiing, ook wel maagtorsie of maag-dilatatie-volvulus, wordt de maag, die zich in de buikholte van de hond bevindt, rond zijn as gedraaid . Door de draaiing zijn de uitgang en de ingang afgesloten. Hierdoor kan het gas wat ingeslikt is niet meer weg. Het schijnt dat er wel lucht ingeslikt kan worden, aangezien er vast is gesteld dat het gas de zelfde samenstelling heeft als de lucht. De maag zal op gaan wellen met als gevolg **scheuring**. Vooral grote <a href="/rassen" target="_blank" rel="noopener noreferrer nofollow">rassen</a> met een borst die diep is, daarbij komt dit voor, bijvoorbeeld de Duitse dog: bijna vier op tien Duitse doggen krijgt een maagtorsie. Ook bij <a href="/rassen/weimaraner" target="_blank" rel="noopener noreferrer nofollow">Weimaraners</a>, <a href="/rassen/dobermann" target="_blank" rel="noopener noreferrer nofollow">Dobermanns</a>, reuzepoedel, Sint-Bernards en bij Setters komt dit vaak voor. Het moet direct behandeld worden aangezien het levensbedreigend is.
Toon alle 11 aandoeningenToon minder

Epilepsie
We spreken van epilepsie als er sprake is van een terugkomend optreden van toevallen. Het komt zowel bij de hond als ook bij de mens voor en in kleine mate bij de kat. De oorzaak van Epilepsie is een kortdurende storing in de hersenen. Door deze storing krijgt het dier een toeval die uit spierkramp kan bestaan, abnormaal gedrag en tijdelijke incontinentie.

Cherry eye
Een cherry eye is een zwelling van de traanklier. Deze klier zit onder het derde ooglid en door de zwelling puilt deze naar buiten en wordt deze zichtbaar. Deze gezwollen traanklier heeft een kersenrode kleur en daarom wordt deze aandoening ook wel de Cherry eye genoemd. Het is een aandoening die veel gezien wordt bij jonge honden (variërend van leeftijd van 3 tot 6 maanden). Bij doggen komt deze aandoening vaker voor dan bij andere rassen. Vaak is het zo dat als aan het ene oog een cherry-eye is ontstaan deze later ook aan het andere oog ontstaat. Soms verdwijnt een cherry eye vanzelf weer, maar vaak is het zo dat deze weer terugkomt en permanent zichtbaar blijft. Als dit het geval is, dan is het niet alleen hinderlijk voor de hond, maar is de kans op infecties veel groter.

Osteosarcoom (Botkanker)
Osteosarcoom is de meest voorkomende kwaadaardige bottumor bij dieren. Het is een vorm van botkanker en vormt 3 tot 6% van alle soorten tumoren. Vrijwel alle honden die botkanker (osteosarcoom ) hebben komen te overlijden omdat de tumoren snel groeien en uitzaaien naar de longen.

Dystocia (moeilijke geboorte)
Als de hond een moeilijke, langzame en pijnlijke bevalling heeft spreken we van een dystocia. De oorzaak van dystocia kan komen doordat de pups te groot zijn of een te grote schedel hebben, maar het kan ook aan een afwijking bij de teef liggen door bijvoorbeeld een te nauw geboortekanaal. Er zijn helaas hondenrassen waarbij deze afwijkingen in de bouw voorgeschreven wordt door de rasstandaard. Het gevolg hiervan is de de geboorte van de pups niet zonder een ingreep van een dierenarts plaats kan vinden.

Glaucoom, groene staar, verhoogde oogdruk
Glaucoom, ook wel groene staar genoemd is een aandoening van de ogen waarbij toegenomen vloeistofdruk in het oog schade veroorzaakt aan het netvlies en de oogzenuw met blindheid tot gevolg. De oorzaak van glaucoom is een stoornis in de balans tussen productie en afvoer van oogvocht. Volledige blindheid kan optreden binnen 24 uur of in milde vorm na weken of maanden. Voor de hond is glaucoom, met name wanneer het acuut ontstaat, een zeer pijnlijke aandoening. De hond zal aanraking van de kop vermijden door de pijn, hij stopt vaak met eten en trekt zich terug. Door de verhoogde druk in het oog wordt de oogbol groter, waardoor deze meer uit de oogkas komt. Het hoornvlies kan blauwwit verkleuren, waarbij soms duidelijk de oogvaten zichtbaar worden. Bij de Shar-Pei is er sprake van een erfelijke vorm met een verstoring in de afvoer van het oogvocht, dit wordt primary open angle glaucoma (POAG) genoemd en er is inmiddels een DNA-test ontwikkelt.
Te koop(2)
Foto's & video's(8)
Foto's en video's van de Sint Bernard, gedeeld door bezoekers
Video's (3)
Heb jij ook mooie beelden van een Sint Bernard?
Deel je foto of video met andere bezoekers.





